zaterdag 5 mei 2012

De Slot it Lola B09/60 nader bekeken.


Donderdag kreeg ik hem dan eindelijk binnen, de Slot it Lola B09/60. Group C auto’s heb ik nu wel genoeg in alle varianten, dus die heb ik de laatste tijd overgeslagen. De auto’s zijn mooi, maar qua techniek is het eigenlijk slechts meer van hetzelfde. Je kunt tenslotte niet alles kopen.
Bovendien was ik erg nieuwsgierig naar de nieuwe techniek welke in genoemde auto is toegepast.

Bij het uitpakken valt er direct een briefje in de Engelse taal uit met de volgende tekst: “Dear customer, before running this car, we recommend that you replace the pickup which is assembled on the chassis with the pickup that you find under the base of the car. Two extra braid pieces are added for your convenience.”

Ik schik. Wat is er aan de hand? Dus ik onderzoek de sleperschoen uitgebreid, maar kan eigenlijk niet ontdekken dat er iets fout zou zitten. Kapje eraf en ik zet hem op een Fleischmann baanstuk en zie dan dat de voorwielen de baan bij lange na niet raken. Is de sleperschoen dan toch verkeerd? En dan vallen mijn ogen op de spacers onder de vooras. Ik heb dit nooit een gelukkig systeem gevonden en dat men het nu nog toepast bij de nieuwe modellen vind ik totaal onbegrijpelijk. Eruit met die dingen en direct maar onder en boven de vooras m2 inbus schroefjes gemonteerd. Op het Fleischmann baanstuk de hoogte en de speling van de vooras afgesteld en de sleperschoen vormt geen enkel probleem. Of bedoelt men dat de stroomdraadjes niet ver genoeg afgestript zijn?
Het enige nadeel van deze sleperschoen lijkt mij dat hij niet zelfcentrerend is, maar misschien doe ik zelf iets niet goed.
Stroomdraadjes verder afgestript en onafhankelijk draaiende voorwielen op messing asje, 5 gram lood  onder de vooras en hoogte en speling van vooras ingesteld.
Nu kunnen we de auto voor het eerst even op de baan zetten en een stukje rijden. Natuurlijk loopt het motortje nog niet helemaal soepel, maar dat komt nog wel. Wat wel erg opvalt is dat de auto veel herrie maakt en dat je het motortje eigenlijk nauwelijks kunt horen. Verder rijdt de auto wel aardig, maar het is nog geen snelheidsduivel. Met de nieuw gemonteerde C1 banden heeft ie wat neiging tot uitbreken bij het verlaten van de bochten. Nadat de bandjes met wat wasbenzine zijn schoongemaakt gaat het al een stuk beter. De bandjes zijn in elk geval van ogenschijnlijk goede kwaliteit en mooi rond. Schuren is niet nodig.

Maar waar komt die herrie toch vandaan? Opnieuw het kapje eraf. Als ik de auto zonder kapje rijd is het geluid een stuk beter en hoor ik het motortje tevreden gieren. Dus het ligt niet aan het toegepaste kunststof tandwiel (wat is hiervan overigens het voordeel van t.o.v. de aluminium tandwielen? Ik zie het niet).

Resonantie geelimineerd
Als ik het kapje nader bekijk zie ik dat het interieur nogal los in de carrosserie bevestigd zit. Bovendien is die carrosserie samengesteld uit verschillende delen die op enkele punten tegen elkaar aan trillen. Gevolg; een sterke resonantie. Ik zet het interieur vast met Tamiya modelbouwlijm (men kent het gevaar van secondelijm) en de overige trillende delen worden gefixeerd met Hot Melt.  Kapje erop en weer rijden. Het geluid is nu een stuk beter. Ik kan het motortje nu horen en dat vind ik belangrijk, want daar rij ik voor een deel op. Bovendien heb ik een hekel aan auto’s die herrie maken.

Dan komt buurman Alphons binnen en die bekijkt de auto eens goed van alle kanten. Nogal eerlijk geeft ie te kennen dat ie de auto niet mooi vindt. Heb je net een nieuwe auto gekocht en dan komt je buurman je doodleuk vertellen dat hij hem niet mooi vindt. Dank u!
Eigenlijk ben ik het wel met hem eens. Ik vind de huidige Le Mans modellen ook niet echt mooi, maar Slot it heeft deze wel heel mooi nagemaakt. Als je het model vergelijkt met de echte auto, zie je geen verschil (zie hier de foto’s).

Na deze eerste aanpassingen rijdt de auto goed, heeft een goede wegligging en komt mooi door de bochten, echter ik vind de snelheid nog niet om over naar huis te schrijven. Hij heeft geen schijn van kans tegen mijn wedstrijdauto’s van de Bunker. Nu eerst de Magneet Marshall er eens bij. Totaalgewicht auto 74 gram. Magneetkracht………….525 gram!!!! Dat is zelfs voor een magneetrijder als ik te gortig. Na wat gepruts met verschillende magneetjes lukt het om hem voorlopig op 100 gram te krijgen. Dat lijkt mij eerst voldoende. Dan nog even kijken wat het kapje weegt; 15 gram. Dat is mooi. Ik plaats nog 5 gram lood onder de vooras en ga nog even wat rijden. Ik ben voorlopig tevreden. Morgen maar eens verder kijken.

Flat 6R geplaatst
Na een nachtje slapen bedenk ik dat ik in een magneetloze Audi nog een flat6R heb zitten. Dat is 1500 toeren meer en een nog wat grotere trekkracht. Hiermee zou ik de Lola toch een beetje op snelheid moeten kunnen krijgen. Als ik de motortjes nu eens verwissel. Zo gezegd, zo gedaan. De magneetloze Audi kan beter met wat minder overweeg en de Lola zou sneller moeten worden.

Ook pas ik mijn obsessie voor onafhankelijk draaiende voorwielen nog toe (ik verwacht daardoor een beter bochtgedrag met name in het eerste deel van de bocht) en ik laat de rondetijden spreken. Hiertoe rijd ik een sessie van 20 ronden in baan 1 van mijn thuiscircuit. Mijn snelste wedstrijdauto (technisch reglement SRC de Bunker) is de Nissan R390 GT1 inline. Deze heeft een snelste tijd van 6.513.

De 20 rondjes met de Lola levert een 6.737 op. Ik ben voorlopig tevreden. Het verder finetunen is een voortdurend proces. Ik sta open voor verdere tuning tips, maar de magneet zit vastgelijmd.

PS. Tijdens de test is de coureur van zijn stoel gevallen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen