dinsdag 31 mei 2011

De Sleutelklasse

Bij SRC de Bunker wordt afwisselend de Club- en de Sleutelklasse gereden. De resultaten vormen samen de basis voor het winter- en het zomerkampioenschap. De Clubklasse wordt gereden met Slot it Porsches van de club die elk in hun eigen baan blijven. Dit levert voor iedereen dezelfde omstandigheden op.
In de sleutelklasse rijdt men met de eigen auto, die binnen het reglement zo snel mogelijk gemaakt mag worden. Dit is dus eigenlijk zowel een constructeurs- als een rijderskampioenschap. Persoonlijk boeit mij dat het meest.
In mijn eerste seizoen (2009-2010) reed ik met een Slot it McLaren. Dat was natuurlijk vooral een leerjaar. Het hele jaar door werd er van alles aan de auto veranderd om hem maar zo snel mogelijk te maken (andere pinion, ander tandwiel, snellere motor, nog snellere motor, voorzijde verzwaren met lood, offset, niet-offset, half offset, etc. etc.). Uiteindelijk had ik een auto die minstens zo snel was als die van de snelste rijders van de club en ik denk dan ook dat de kampioen van dat jaar ook met mijn auto kampioen  had kunnen worden, echter ik werd dat niet. Logisch ook, want net als in de echte racerij is het materiaal voorwaarde om te kunnen presteren, echter de rijder moet het er wel uit kunnen halen. Hoewel het resultaat niet echt slecht was (winterkampioenschap 6e, zomerkampioenschap 5e) was ik duidelijk als rijder niet snel genoeg om ook maar van een kampioenschap te kunnen dromen.
Voor het seizoen 2010-2011 was mijn doelstelling om in elk geval een plaatsje hoger te eindigen. Dat is niet gelukt. Wederom 6e bij het Winter- en 5e bij het Zomerkampioenschap. Ik heb in elk geval één goed excuus; voor mij staan hele snelle jongens en ik denk dat ik voorlopig niet in staat ben het gat naar de eerste vier te overbruggen. Ik heb dit jaar echter wel één ding geleerd; ik heb niet de aller-snelste auto nodig, maar een auto die ik onder controle kan houden. En dat is een auto die weliswaar een iets lagere eindsnelheid heeft, maar die beter door de bochten gaat en daarbij vergevingsgezind omgaat met mijn fouten. Om dit te bereiken ben ik halverwege het seizoen o.a. overgeschakeld van een sidewinder- naar een inline motoropstelling (gunstiger gewichtsverdeling). Ook heb ik de NSR-motor vaarwel gezegd, omdat die mij iets te heftig is en gebruik ik nu weer de Slot it “rode motor” omdat die zijn vermogen wat gedoseerder afgeeft.
Voor het nieuwe seizoen is dit eveneens het uitgangspunt, waarbij mijn streven is om zoveel mogelijk gewicht van achter naar voren te krijgen (Voor de tractie maakt dit niet uit, omdat we bij de Bunker met 150 gr. magneetkracht rijden). Ik heb er dan ook voor gekozen, om geen kant en klare auto aan te schaffen waar dan vervolgens weer van alles aan gemodificeerd moet worden, maar om zelf twee auto’s samen te stellen uit de onderdelen die mij voor het nieuwe seizoen het beste lijken. Dit moeten, net als in het afgelopen seizoen Slot it Nissans (longtail) worden. De auto’s dienen minimaal 80 gram te wegen, terwijl het gewicht van het kapje minstens 20 gram dient te zijn. Dit betekent dat het complete chassis (inclusief ballast) wat mij betreft maximaal 60 gram mag wegen. Om een wieldruk voor/achter van 45/55 % te realiseren, zal aan de achterzijde zoveel mogelijk gewicht bespaard moeten worden. Het gewicht van het motortje is wat dat betreft het meest bepalend. Het slot it motortje is in elk geval lichter dan de NSR en door dit inline te plaatsen komt de gewichtsverdeling wat gunstiger te liggen. Andere mogelijkheden om gewicht te besparen zijn een hole as, superlichte velgen, een aluminium tandwiel i.p.v. een bronzen en een NSR i.p.v. een slot it pinion. Het zijn allemaal kleine beetjes, maar gezamenlijk levert dit toch het gewenste effect op. Op de bandjes is niet veel te verdienen omdat dit in overeenstemming met het reglement Slot it P1 t/m P6 dient te zijn. Een mogelijkheid zou zijn om de 10 mm i.p.v. de 11 mm bandjes te gebruiken. In theorie zou dit minder tractie opleveren.
Of dit in de praktijk verschil maakt moet ik nog testen. Bij een eerste testrit met de 2 opgebouwde chassis (zonder kapje) over 20 ronden 
zijn beiden zeer dicht bij het baanrecord gekomen, dat met een 6.192 op naam van de Slot it Ferrari F40 (met de standaardmagnet) staat De kapjes zijn nog niet beschikbaar. De bedoeling is om hiervoor 2 bodykits van de Slot it Nissan 390 GT1 LT te gebruiken. Deze moeten echter nog uitkomen. Of dit op tijd, dus voor de aanvang van het nieuwe seizoen gebeurt, is nog even afwachten. Anders schaf ik de korte versie aan. Dit is mogelijk omdat beide op dit chassis passen. De lexan interieurs liggen al klaar.

zaterdag 2 april 2011

Minirace bij SRC de Bunker.

Gisteren was de clubavond bij SRC De Bunker. Ter gelegenheid van 1 april werd er een wedstrijd met Scalextric mini’s gereden. Deze autootjes zijn voor een leuk prijsje als  “Twinpack” verkrijgbaar en worden geleverd zonder overbodige opsmuk, zoals een interieur. De wagentjes kwamen geheel standaard op de baan en werden gereden volgens de regels die bij de Bunker voor een Porsche-race gelden; Elke auto blijft in dezelfde baan, de rijders rouleren over de banen. Zo zijn de omstandigheden voor iedereen gelijk.

Er waren 15 deelnemers op komen dagen en er werd, zoals vanouds, weer gestreden op het scherpst van de snede. Alhoewel het voor iedereen even wennen was, omdat men pas bij de kwalificatie voor het eerst met de wagentjes kon kennismaken, werd het een zeer geslaagde raceavond. Om echt hard te gaan moest alles uit het karretje gehaald worden en de één slaagde daar beter in dan de ander. Hier maakte het niet uit of je al dan niet een goede “sleutelaar” was, het kwam puur aan op de rijderskwaliteiten. Hoewel deze race éénmalig als een ‘1 april’ happening bedoeld was, gingen er na afloop meerdere stemmen op om dit vaker te doen. Het was een knipoog naar 1 april maar met een serieuze ondertoon, want de race telde gewoon mee voor het kampioenschap.

Het was een zeer geslaagde avond die bewees dat je met eenvoudige middelen en low budget, enorm veel plezier aan slotracen kunt beleven.

maandag 21 maart 2011

Classic Cup Racing Unlimited Marrum 20 maart 2011

Op 20 maart hebben 4 leden van SRC De Bunker, waaronder ondergetekende en zijn buurman, deelgenomen aan de Classic Cup bij Racing Unlimited in Marrum. Na mijn ervaringen bij Slipstream te Cruquius leek mij een goede voorbereiding noodzakelijk en ben ik op zaterdag voor de race met drie auto’s afgereisd naar Marrum. Omdat de race weer met hand out P3’s verreden zou worden waren deze dan ook voorzien van deze compound. De keuze van de auto was afhankelijk  van deze training. Ik had de Fly Lola en Ferrari 512 en de NSR Porsche 917 bij me
Bij binnenkomst was Willem al aan het trainen met zijn Fly Lola T70 en hij was vol op aan het worstelen met de grip, zodat ik al enigszins voorbereid was op wat me te wachten zou staan.
Met mijn Lola was ik snel klaar. Hoewel deze op mijn thuisbaan een mooi gemiddelde rijdt, was de overbrenging te traag voor deze baan om een potje te kunnen breken. Dan de NSR Porsche maar eens geprobeerd. Bij Slipstream gleed deze auto alle kanten op en hier (met de P3’s van Cruquius er nog onder) was het niet anders; niet mee te rijden. Dan de Ferrari 512 maar. Met deze auto ging ik redelijk rond, maar ook niet om naar huis te schrijven. Maar ik moest toch een auto voor de race hebben, dus de voorlopige keuze viel toch maar op deze wagen. Op een bepaald moment mocht ik Willem zijn auto even proberen en dat vond ik eigenlijk de beste op dat moment, maar daar ging ie natuurlijk zelf de race mee rijden.
Terwijl we met de grip aan het worstelen waren kwamen Hans en Johan van MRCL binnen en die zagen de situatie even aan. Vervolgens heeft Hans even mijn bandjes onder handen genomen en ja, toen ging het een stuk beter. Maar de hand out bandjes van de zondag zouden nieuw en onbehandeld zijn en daar zou de race op gereden worden.
Toen de heren uit Leeuwarden weer vertrokken waren kwam Fred met zijn Porsche 917 de baan op. Net als ik had hij grote problemen om op de baan te blijven tot Roland op het idee kwam er andere velgen op te zetten. Na het verwijderen van de NSR luchtvelgen en het plaatsen van Slotingplus exemplaren ging het ineens een heel stuk beter, hetgeen mij op het idee bracht het zelfde te doen. Vervolgens de geslepen bandjes van de Ferrari eronder en ja..dit werkte. Binnen de korste keren reden zowel Fred als ik rondjes onder de 10 seconden.
Dit gaf moed voor de volgende dag.

Op zondag vertrokken Alphons en ik om 7 uur uit Delfzijl en waren om ongeveer 08:15 uur te Marrum. Snel nog wat oefenrondjes rijden om even de baan weer te “voelen”. 
Voor Alphons was dit nog veel belangrijker omdat ie nog nooit op deze baan gereden had. Ik zag aan zijn gezicht, dat ie vol goede moed was met zijn nieuwe ACD-regelaar en de vuurdoop van zijn restauratieproject, de Gama Matra.
Bij de keuring bleken de bestelde 20x11 bandjes op mysterieuze wijze verdwenen te zijn en moest overgeschakeld worden op 19x10. Deze pasten prima op mijn nieuwe Slotingplus velgen, maar ik dacht: “nog minder grip”.
De eerste ronde werd inderdaad een worsteling om op de baan de blijven, laat staan dat je enige strijd met een tegenstander kon leveren, alhoewel ik kijkend naar de verrichtingen van Alphons het idee kreeg dat ie goed rond ging (en aan zijn gezicht te zien, vond ie dat zelf ook).
Gelukkig werd voor de 2e ronde besloten om wat aan het bandenprobleem te doen. Sebastiaan kreeg de opdracht om namens de wedstrijdleiding de bandjes te slijpen. Ik kan alleen maar zeggen dat ie, afgaande op de prestaties van mijn auto nadien, prima werk geleverd heeft. Hiervoor mijn dank.
Vanaf nu was het leuk racen en de tijden vlogen dan ook omlaag in relatie tot de eerste ronde. De strijd verplaatste zich van de eigen auto naar die van de tegenstander en dat is racen. Ook Alphons ging met zijn Matra rond als een speer en hoewel ik niet in de prijzen viel, hield ik een goed gevoel aan deze race over. Deze eerste Classic bij Racing Unlimited werd een zeer geslaagde dag, zowel qua evenement, organisatie, verzorging (de gehaktballen van Janneke), sportiviteit en gezelligheid. 
De uitslag staat hier
Meer foto's staan hier

PS. Na de kennismaking met de jongens uit Leeuwarden vraag ik mij af, waarom we daar nog nooit een Classic gereden hebben.


dinsdag 8 maart 2011

Een vermoeide Slot it Porsche 956C

Bij de SRC de Bunker rijden we om de 14 dagen een clubrace met Slot it Porsches. Deze races worden gereden met minimaal 150 gram magneetkracht, omdat het rijden zonder magneet op deze Friese club wordt ervaren als het rijden van een Elfstedentocht op botte schaatsen. Het geeft in elk geval aanleiding tot spannende races op het scherpst van de snede, waarin men elkaar geen duimbreed toegeeft. Gevolg; zeer zware belasting van auto en motor. Een crash geeft meestal een ferme klapper en de auto vliegt dan ook wel eens over de rand. De stukken (o.a. spoilers) vliegen er dan letterlijk vanaf.

Nadat deze Porsches eerst met de standaard “oranje” motor uitgerust waren, dacht men in de loop van het vorige seizoen dat het wel wat sneller kon. Alle motortjes zijn toen vervangen door “gele” 25k motoren.

Een eenvoudig rekensommetje leert dat zo’n Porsche op een clubavond zo’n 10 a 12 km rijdt, hetgeen inhoudt dat deze motortjes inmiddels minimaal 150 Km gedraaid hebben en dat begin je te merken. De laatste races (hoe is het mogelijk?) begon de Porsche in baan 3 wat vermoeidheidsverschijnselen te vertonen. Met deze auto kon je inmiddels een aantal bochten nemen zonder het gas los te laten, terwijl hij op de rechte stukken door alle overige auto’s voorbijgereden werd.

Ik heb hem maar mee naar huis genomen in een poging om hem te revalideren. Inmiddels is de auto volledig gedemonteerd om alle onderdelen eens grondig te reinigen. Het deel rond de tandwielen zat vol met een vettige smurrie. Na alles met wasbenzine te hebben gereinigd was één van de eerste zaken die opviel dat het chassis op één punt (net naast de motorhouder) was gebroken. Om dit met secondelijm te kunnen repareren is het zaak om beide breukzijden met spiritus te ontvetten opdat een goede hechting verkregen wordt. Ter versteviging is over de breuk nog eens een reepje zwart plastic aangebracht.

Ook bleek de achteras tegen een stukje magneet aan te lopen. Hoelang dit al het geval was, valt niet meer na te gaan maar dit heeft het motortje vanwege de extra belasting geen goed gedaan.

Om vet, stof en aanslag uit het motortje te verwijderen  heeft het een spiritusbad gekregen. Hierbij laat men het motortje op een batterij, ondergedompeld in spiritus, enige tijd draaien. Na het drogen zijn de lagers weer van een druppeltje olie voorzien en zou hij weer beter moeten lopen. Hoewel dit zeker het geval is, denk ik dat dit niet het snelste motortje meer is. Maar dat zal bij de volgende Porscherace blijken.

Tenslotte is de auto weer volledig gemonteerd en uitgerust met nieuwe slepers. Alle draaiende punten zijn van een drupje olie voorzien en de auto is weer “ready to race.” Ik ben nieuwsgierig naar de resultaten.

donderdag 3 maart 2011

Problemen met draadbreuk in de Parma Plus regelaar

Op een Duitse site las ik een eenvoudige oplossing van het probleem van de draadbreuk in de Parma Plus regelaar, die ik gemakshalve maar even in het Nederlands vertaald heb.

Bij de Plus-regelaar is de kabel aan de gashendel helaas en zwak punt dat regelmatig problemen geeft. De zwarte kabel loopt aan de achterzijde van de regelaar in een S-vorm naar de wiper. Door het voortdurend bewegen hiervan ontstaan hier regelmatig kabelbreuken. Hiervoor bestaat een eenvoudige oplossing welke dit probleem voor altijd oplost. Leid aan de voorzijde van de regelaar een stuk kabel vanaf de wiper naar de schroef door de bronzen lager in de kunstof gashendel die de wiper met het zwarte hoofdchassis verbindt. Men kan het stukje kabel aan beide zijden vast solderen, of beter eenvoudig onder de bovenste schroef in het messingdeel  en de andere schroef  door de kunstof gashendel klemmen. Dit gaat heel simpel en betrouwbaar met een stuk sleepcontact (eventueel even aan beide zijden vertinnen). Vervolgens wordt aan beide zijden een klein gaatje voor de schroeven gemaakt en kan het geheel bevestigd worden. Dit houdt tot in lengte van dagen en er hoeft geen soldeerbout aan te pas te komen. Vervolgens wordt de regelaar omgekeerd en wordt de zwarte probleemkabel (die oorspronkelijk aan de achterzijde  met de wiper verbonden was) aan de onderste schroef bevestigd. Nog eenvoudiger is het om onder deze schroef gewoon de zwarte verf te verwijderen zodat de spanning direct naar het zwarte hoofdchassis van de regelaar kan stromen. Vervolgens kan de zwarte probleemkabel direct met het zwarte hoofchassis verbonden worden.

De oorsronkelijke tekst is te vinden op http://www.slotbox.de/